Cable 1: de gedurfde pionier van commerciële radio

Cable 1: de gedurfde pionier van commerciële radio

Toen Cable 1 op 8 februari 1988 van start ging, was het een van de eerste serieuze pogingen om commerciële radio in Nederland en daarbuiten te introduceren. Officieel presenteerde het station zich als een Brits bedrijf, maar achter de schermen was het een volledig Nederlands initiatief van Willem van Kooten en Ad Ossendrijver. Hun ambitie was groot: een pan‑Europese zender die de traditionele grenzen van het medialandschap zou doorbreken.

Een internationale droom met Nederlandse wortels
Cable 1 moest klinken als een internationale speler. De zender kreeg een Engelstalige uitstraling, met jingles die deden denken aan Londen en dj’s die soepel schakelden tussen Nederlands en Engels. Van Kooten noemde die stijl zelf “Eurowaals”, passend bij een tijd waarin Europa steeds meer naar elkaar toegroeide en satellietdistributie nieuwe kansen bood.

Het station verscheen al snel op de kabel in Amsterdam, Rotterdam, Glasgow en Berlijn, en werd daarmee een van de eerste commerciële radiozenders die in Nederlandse huiskamers te horen was. Om het internationale karakter te benadrukken, meldde het persbericht op de lanceringsdag dat het hoofdkantoor in Londen stond, terwijl de studio’s “vanwege de satellietcapaciteit van de PTT” in Nederland waren gevestigd. In werkelijkheid was het vooral een slimme juridische constructie.

Cable 1 profileerde zich bovendien bewust in de traditie van grote grenszenders door de oude slogan van Radio Luxemburg te gebruiken: “The Station of the Stars.”

Technische voorsprong als visitekaartje
Een belangrijk verkoopargument was de technische kwaliteit. Ossendrijver verklaarde in 1987 dat Cable 1 een uitzonderlijk ruisarm systeem gebruikte om het audiosignaal naar de satelliet te sturen. De NOS liet dit testen door de NOB, die bevestigde dat de geluidskwaliteit inderdaad uitstekend was — zelfs beter dan die van grote satellietzenders als Sky Channel en Super Channel. Het gaf Cable 1 een modern en professioneel imago.

Een wankele buitenlandse status
De internationale façade bleek echter kwetsbaar. Hoewel Cable 1 zich als Brits station presenteerde, bevond de satelliet‑uplink zich gewoon in Nederland. Dat werd een politiek probleem. Van Kooten vertelde later dat hij toestemming had gekregen van minister Elco Brinkman om vanuit Nederhorst den Berg op te stralen, maar dat premier Ruud Lubbers de constructie ontdekte en gebruikte in de strijd tegen het commerciële tv‑project TV10. Cable 1 werd daarbij meegesleurd.

Toen de druk toenam, probeerde het station alsnog een echte buitenlandse status te verkrijgen. Van Kooten verklaarde in 1989 dat het Britse Radio Broadland Holdings PLC de meerderheid van de aandelen had overgenomen en dat de uplink naar Engeland zou verhuizen. Maar het was te laat.

Weerstand en ondergang
De NOS stapte naar de rechter omdat Cable 1 volgens hen niet voldeed aan de regels voor buitenlandse omroepen. In 1989 werd het station van de kabel gehaald. Het Commissariaat voor de Media concludeerde later dat Cable 1 in feite een Nederlandse zender was, waarmee het doek definitief viel.

Een korte maar invloedrijke episode
Hoewel Cable 1 slechts kort bestond, bewees het dat er in Nederland een groot publiek was voor commerciële radio — lang voordat dit officieel werd toegestaan. De pioniersgeest van Van Kooten en Ossendrijver vormde een inspiratiebron voor latere commerciële stations die wél blijvend voet aan de grond kregen.

Laat een antwoord achter

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

error: Iets overnemen? Eerst contact opnemen!