Het verhaal van Radio Speedway

In de jaren zeventig begon Wiel Vrinssen als discjockey op feesten en partijen. Zijn ervaring met publiek en muziek leidde rond 1980 tot experimenten met illegale FM‑zenders in Molenbeersel en Stramproy. Met eenvoudige apparatuur, gebouwd door lokale technici, wist hij op 101.4 MHz een groot bereik te creëren. De zender kreeg al snel een trouwe schare luisteraars. Omdat Vrinssen naast muziek ook een passie had voor autospeedway, doopte hij zijn station Radio Speedway.

De eerste jaren: improvisatie en groei
De uitzendingen vonden aanvankelijk plaats vanuit een auto, zodat bij controles snel kon worden uitgeweken. Later werd de slaapkamer van Vrinssens ouderlijk huis omgebouwd tot studio. Op 104.0 MHz groeide Speedway uit tot een begrip: luisteraars kwamen verzoekjes brengen, belden massaal in en wisten het huis met de grote “SPEEDWAY”-letters op de brievenbus te vinden. Naast Wiel presenteerden ook zijn vrouw Lies (“Lady Speedway”) en buurvrouw Annie Janssen (“Zendster Annie”) programma’s.

Vrije radio bloeide in de regio, maar Speedway bleef een vaste waarde op vrijdagavond en maandagochtend. In 1982 vierde de zender zijn eerste jubileum, zelfs onder het oog van de RTT‑opsporingsdienst, die uit coulance pas na afloop wilde ingrijpen.

Samenwerking met Radio Grensland
Omdat uitzenden vanuit een woonhuis risico’s met zich meebracht, zocht Vrinssen een duurzamere oplossing. In 1982 ging hij in gesprek met Radio Grensland, een eveneens vrije zender die al bezig was met een officiële vergunning. Speedway ging op in Grensland, en vanaf januari 1983 werden de programma’s van Vrinssen en zijn team daar uitgezonden.

Ondertussen werkte de Vlaamse overheid aan een wettelijk kader voor lokale radio’s. Organisaties als VEBE en VEBORA vertegenwoordigden de sector, en in 1983 werden honderden zenders voorlopig positief beoordeeld. Grensland kreeg in 1985 een vergunning, maar Vrinssen voelde zich steeds minder thuis in de samenwerking. Een eigen legale zender leek onmogelijk — tot zich een onverwachte kans voordeed.

De weg naar legalisatie
Via politieke contacten kwam Vrinssen in aanraking met Radio Bocholt, een kleine zender die zijn vergunning wilde afstoten vanwege de hoge kosten. In 1985 werd een constructie opgezet waarbij de vzw en vergunning van Radio Bocholt werden overgenomen en verplaatst naar Molenbeersel. Zo ontstond Radio Bocholt Speedway, met Vrinssen als voorzitter en een nieuw bestuur.

Vanaf 1985 mochten lokale radio’s reclame uitzenden, wat cruciaal was voor de financiële levensvatbaarheid. Tegelijkertijd moesten zenders bijdragen aan SABAM, wat een aanzienlijke kostenpost vormde. Programmamakers moesten nauwkeurig bijhouden welke muziek ze draaiden — al gebeurde dat in de praktijk vaak met de natte vinger.

1 januari 1986: Speedway wordt legaal
De officiële start vond plaats op 1 januari 1986 vanuit Café De Jachthoorn in Molenbeersel. De leefkeuken achter het café werd ingericht als studio, en dagelijks werd uitgezonden van 8.00 tot 24.00 uur. De ploeg bestond uit een mix van oude Speedway‑gezichten, medewerkers van Radio Heidebloem en nieuwe Nederlandse presentatoren.

Informatie werd een belangrijk onderdeel van de programmering. Het programma Speedway Info groeide uit tot een dagelijks blok, gepresenteerd door onder anderen Theo Beijnsberger en later Annie Princen (“Info Annie”).

Anekdotes en groei
De zender kende kleurrijke momenten. Zo werd tijdens de kermis in 1986 discjockey Harry Voermans gevraagd om een programma te maken, wat leidde tot het populaire “Puzzeluur”. Ook waren er live‑uitzendingen vanaf evenementen, zoals het Oud Limburgs Schuttersfeest in Stramproy, waarbij Speedway samenwerkte met Radio Monza.

De leefkeuken bleek echter onpraktisch: een houten vloer zorgde voor overslaande platen en de privé‑situatie van de café‑uitbaters kwam onder druk. Daarom werd een nieuwe studio gebouwd in een andere ruimte van het café.

Een klap voor de organisatie
Op 1 november 1986 overleed penningmeester en mede‑drijvende kracht Jan Driessens onverwachts. Zijn overlijden sloeg diepe wonden binnen de organisatie. Tegelijkertijd moest een nieuw erkenningsdossier worden ingediend, wat met vereende krachten lukte. De erkenning versterkte het groepsgevoel en Speedway bleef een hechte vrijwilligersorganisatie.

Een bont gekleurde programmering
Speedway stond bekend om zijn verticale programmering: elk uur en elke dag klonk anders. Van Nederlandstalig tot country, van klassiek tot piratenmuziek — alles passeerde de revue. In het weekend waren er quizzen, blaasmuziek, sportverslaggeving en humoristische programma’s zoals “Kwissen met het Flaterteam”.

Reclame was de levensader van de zender. Spotjes werden vaak door medewerkers zelf ingesproken en konden soms bijna een minuut duren. Sommige adverteerders, zoals Nossin Tapijt, waren jarenlang elk uur te horen.

Nieuwe studio en antennemast
In 1988 werd besloten een eigen studio te bouwen naast Café De Jachthoorn. Vrijwilligers bouwden een complex met live‑studio, opnamestudio en kantoor. In 1989 volgde een opendeurdag. Kort daarna dreigde een frequentiedeling met Radio Monza, maar dankzij bemiddeling van burgemeester Hubert Brouns werd dit teruggedraaid. Speedway mocht voortaan zelfs 24 uur per dag uitzenden.

Verhuizing naar de Oudekerkstraat
In 1991 verhuisde de zender naar een nieuw pand aan de Oudekerkstraat, het voormalige café “Biej Zjeer”. Het gebouw werd volledig verbouwd tot radiocomplex met café. De verhuizing werd in één nacht uitgevoerd, met slechts twintig minuten uitzendonderbreking. De nieuwe antennemast, bijna 40 meter hoog, werd een herkenningspunt in Molenbeersel.

Organisatie en professionalisering
Na het vertrek van Vrinssen begin jaren ’90 werd een nieuwe organisatiestructuur ingevoerd met een beheerraad, dagelijks bestuur en programmaraad. De nieuwsvoorziening werd uitgebreid met eigen bulletins en interviews. Vrijwilligers zoals Jacques Verboeket speelden hierin een belangrijke rol.

Levenslijn en maatschappelijke betrokkenheid
In 1992 organiseerde Speedway een grote actie voor VTM Levenslijn, met een weekend vol optredens en live‑radio vanuit de parochiezaal. De actie bracht veel geld op en leverde de zender regionale waardering op.

Nieuwe formats en humor
Martin van Munster introduceerde een regionale variant van de “Verborgen Telefoon”, waarbij nietsvermoedende inwoners in absurde telefoongesprekken werden gelokt. Het werd een hit en werd zelfs door andere zenders overgenomen.

De druk van een veranderend medialandschap
Rond 1993 veranderde het radiolandschap snel. Commerciële zenders, kabelradio en horizontale programmering werden de norm. Speedway moest mee evolueren. Er kwamen nieuwe jinglepakketten, betere reclameproductie en een strakkere nieuwsstructuur.

Automatisering en een nieuwe koers
Om professioneler te worden, investeerde Speedway in een geavanceerd automatiseringssysteem met CD‑wisselaars, MiniDiscs en computergestuurde playlists. Dit maakte horizontale programmering mogelijk en leidde tot een nieuwe muzikale koers: herkenbare hits uit de jaren ’60, ’70 en ’80, aangevuld met hedendaagse muziek die binnen dat profiel paste.

Een vaste dagstructuur werd ingevoerd, met gepresenteerde programma’s in de ochtend, voormiddag, middag en vooravond. Non‑stopblokken kregen een uniforme vormgeving. Het “Hitmuseum” werd een dagelijks terugkerend item.

Naar een nieuwe identiteit
Met de nieuwe koers kwam ook de vraag naar een nieuwe naam. “Radio Speedway” was ooit gekozen uit persoonlijke voorkeur, maar paste minder bij de bredere, professionelere uitstraling die de zender nastreefde. De roepnaam kon worden aangepast zonder de vzw‑structuur te wijzigen — een eerste stap richting rebranding.

Foto boven: Wiel Vrinssen in de studio van Radio Grensland