Radio Bako: van grensstreekzender tot kortstondige regionale grootmacht

Radio Bako begon als een Vlaams radiostation voor de grensstreek rond Lommel‑Barrier en Kolonie. De eerste studio stond aan de Luikersteenweg in Lommel, maar al snel veranderde het station van koers. Na de overname door horecaondernemer Bert van Wattum verhuisde Radio Bako naar een nieuwe locatie aan het Lunastrand, Boskantstraat 34, waar de bouw van een moderne studio startte.

Het station koos voor een herkenbare formule: populaire Top 40‑hits, aangevuld met een vleugje nederpop. Radio Bako zond 24 uur per dag, zeven dagen per week uit op 104.8 MHz en via de kabel. In de beginperiode was het signaal tot in Eindhoven te ontvangen, maar met de aanschaf van een krachtigere versterker reikte het bereik soms zelfs tot Utrecht.

Snelle groei en regionale concurrentie
Van Wattum trok bekende dj’s aan en richtte zich nadrukkelijk op Zuid‑Oost Brabant. De populariteit schoot omhoog en Radio Bako werd een geduchte concurrent van Radio Royaal uit Hamont‑Achel. Programmaleider en dj René Franke, beter bekend als Theo Toerental, gaf het station een herkenbare stijl.

Een van de vaste elementen was de Explosiefschijf, een plaat die ieder uur werd gedraaid voor extra promotie. De allereerste was Cry van Godley & Creme.

Ook Peter van Zeelst maakte deel uit van het team. Hij presenteerde vanaf 1987 de Zeelsterparade, elke maandag tot en met zaterdag tussen 13.00 en 14.00 uur.

Brand en wederopbouw
In de nacht van 29 maart 1987 sloeg het noodlot toe. Een zware brand legde de studio volledig in de as. Het gebouw was niet meer te redden; de schade bedroeg zo’n 6 miljoen BEF (ongeveer 150.000 euro). Er bestond een vermoeden van brandstichting.

Toch bleef Radio Bako uitzenden. Een vrachtwagen werd naast de zendmast geplaatst en ingericht als noodstudio, compleet met een toren van cassettedecks. Medewerkers namen hun programma’s thuis op totdat een nieuwe studio op dezelfde plek was gebouwd.

Nieuwe eigenaar, nieuw imago
Later werd Radio Bako overgenomen door een zender uit Arnhem. De roepnaam veranderde in Bako Super 106. De nieuwe studio keek uit op het buitenzwembad, wat onverwacht een publiekstrekker werd: tijdens de openingsuren liepen regelmatig meisjes in badpak binnen voor een verzoekplaat. Onder de medewerkers bevonden zich Raymond Balsink, Ron Muller, Dave Donkervoort en nieuwslezer Herbert Visser.

Het station sloot bovendien lucratieve reclamecontracten af met regionale bedrijven. Bedragen van 30.000 euro voor zes maanden waren geen uitzondering. De promotiebus van Bako was een vertrouwde verschijning op feesten, braderieën en evenementen in en rond Eindhoven. Binnen korte tijd was het station even populair als Radio Royaal Regionaal.

Einde van een succesverhaal
Ondanks de snelle groei hield het succes niet lang stand. In januari 1988 stopte Radio Bako met uitzenden. Daarna volgde nog een samenwerking met Radio Focus Fantastic, een mininetwerk van drie lokale zenders. Uiteindelijk werd de vzw op 20 december 1990 ontbonden.

Radio Bako bleef echter in het collectieve geheugen hangen als een van die typische grensstreekzenders die met lef, creativiteit en een flinke dosis improvisatie een grote regionale impact wisten te maken.

Radio Continu: grensradio met ambitie en een bereik van 450.000 luisteraars

Radio Continu groeide in de jaren tachtig uit tot een van de opvallendste regionale omroepen in de grensstreek. Het station ontstond toen Radio Vrij de handen in elkaar sloeg met de Wuustwezelse Radio Continu, opgericht door Alfons Jagtman, Ruud Kegel en Jac Zom. Na omzwervingen in Hoogstraten en Wortel vond de zender in 1986 een vaste stek in Meerle. Drie jaar later werd aan de Strijbeekseweg 25 een volledige woning omgebouwd tot een professionele studio.

De omroep richtte zich op een actief publiek tussen 20 en 50 jaar en profiteerde van een gunstige ligging. Het signaal reikte diep Nederland in: in Breda was de ontvangst perfect en zelfs in Tilburg klonk de zender nog behoorlijk goed. Volgens de beheerraad beschikte Radio Continu daardoor over een potentieel van zo’n 450.000 luisteraars, waarvan een groot deel aan Nederlandse zijde woonde.

Inhoudelijk draaide alles om informatie. Tussen 6.00 en 22.00 uur bracht de zender elk uur nieuws, met extra bulletins om 6.30 en 7.30. Elke uitzending begon met regionale berichten, gevolgd door het weer, nationaal nieuws en internationale updates. Hoewel de omroep zich qua stijl sterk op Nederland oriënteerde, besliste men dat minstens de helft van de berichtgeving Belgisch moest blijven. Nieuws uit Hoogstraten en omgeving kreeg absolute prioriteit.

Commercieel keek Radio Continu wél nadrukkelijk naar Nederland. Per uur waren vier reclameblokken te horen, samen goed voor zes tot zeven minuten aan spots. Daarnaast bouwde de zender een herkenbare programmatie uit. Op zaterdagavond was er Continu Sport, op zondagochtend Continu Varia met uitgebreide evenemententips. Door de week passeerden rubrieken als de regioagenda, filmagenda, uit-agenda en een vacaturebank.

Om al die informatie te verzamelen en te brengen, had Radio Continu drie vaste redactiemedewerkers in dienst, aangevuld met drie ad-hockrachten en twee sportverslaggevers. In België bestonden samenwerkingen met uitgevers zoals de Maatschappij voor Ether Exploitatie en Vijfsterrenradio; in Nederland bleef zo’n samenwerking helaas uit.

Opvallend was het strakke format: de volledige muziekprogrammering werd door een computer gestuurd. Platen werden niet live aangekondigd — de omroep vond dat luisteraars geen behoefte hadden aan meningen van dj’s. De muziekkeuze kwam uit een indrukwekkende collectie van 2500 cd’s. Het concept werkte: onder meer Ton Lathouwers kwam kijken, en niet veel later ontstond in Nederland het succesvolle Sky Radio volgens een gelijkaardig principe.

In september 1991 verhuisde Radio Continu van 105,40 MHz naar 103,00 MHz. Het station bleef tot het einde actief op die frequentie. Op zondag 14 september 1997 viel definitief het doek. Opmerkelijk: in al die jaren werd Radio Continu nooit in beslag genomen — een unicum in de woelige ether van die tijd.


Tijdens de laatste uren uit het bestaan van Radio Continu liep Marcel Dujardin (†) op zondag 14 september 1997 rond met een video-camera doorheen de studio’s en andere ruimtes aan de Strijbeekseweg 25 in Meerle, België.
In beeld komen Continu-medewerkers Ludo de Kort, Jac Zom (†), Martin van Kampen, Annemarie Franken, Peter Houtepen, Ad Romijn, Ton Vermeulen, Marcel Dujardin (†), Dirk Brouwers en Esther Prins.
Het afscheidslied wordt gezongen door Pim van Ginneken.
Met dank aan Ludo de Kort.

Van grap tot gevestigde waarde: Van Radio Veronica Anders naar Lokale Radio Grafiek Maaseik

Wat begon als een ludieke actie in een Maaseiks café, groeide in de jaren tachtig uit tot een van de opvallendste lokale radioprojecten in Belgisch en Nederlands Limburg. Radio Veronica Anders, opgericht in 1981, ontstond toen enkele stamgasten voor de grap een radioprogramma in elkaar knutselden. Een plagerige opmerking over een luisteraar leidde er zelfs toe dat diezelfde luisteraar later tot het bestuur toetrad. De geïmproviseerde studio bleef nog lange tijd gewoon in het café staan.

Een naam met ambitie
De naam was een knipoog naar de legendarische zeezender Radio Veronica. Dankzij de soepelere Belgische wetgeving en het enorme succes van het Nederlandse voorbeeld, wist Radio Veronica Anders al snel een trouw publiek op te bouwen. Om officieel erkend te worden, werd op 27 januari 1983 de vzw Radio Veronica Anders opgericht, met ondernemingsnummer 424.365.397.

Een smal pand vol radiodromen
De radio verhuisde naar een gehuurd pand in de Bleumerstraat 59 in Maaseik. Het gebouw was lang en smal, met drie verdiepingen en een kelder, en verkeerde in erbarmelijke staat. Toch werd het omgetoverd tot een volwaardige radiowerking. Langs een centrale gang lagen achtereenvolgens een kantoor, studio 1, een interviewstudio, studio 2, een redactieruimte, een keuken en een toilet. De muren en vloeren werden bekleed met tapijt om de akoestiek te verbeteren — een eenvoudige maar doeltreffende oplossing.

Swinging Maaseik en andere hoogtepunten
Op 20 september 1991 speelde de radio een prominente rol tijdens Swinging Maaseik, een jazzmanifestatie met honderd muzikanten. De omroep trok de stad in, installeerde zich in verschillende cafés en zond het evenement live uit.

In 1996 kreeg studio 2 een grondige make-over. De oude apparatuur werd vervangen door een nieuw studiomeubel en een Dateq BCS-mengtafel. De verbouwing was een huzarenstukje: studio 2 en 3 werden samengevoegd om het meubel überhaupt binnen te krijgen.

Een eigen netwerk door de stad
Een van de meest opmerkelijke technische verwezenlijkingen was het zelfgebouwde netwerk dat cafés in Maaseik met de studio verbond. Gewone elektriciteitskabels liepen over gevels en overbrugden lange afstanden. Door de hoge weerstand ging veel signaal verloren, waardoor het audiosignaal stevig moest worden versterkt en in de studio weer werd teruggeschakeld. Via dit netwerk werden regelmatig live-uitzendingen gemaakt, onder meer vanuit café De Ontbijtclub.

Toen gevels in de loop der jaren werden gerenoveerd, raakte het netwerk steeds verder beschadigd. Toch zijn er vandaag, dertig jaar later, nog altijd restanten van de kabels zichtbaar.

Het Centrum voor Muziek
Radio Veronica Anders werkte nauw samen met het Centrum voor Muziek, een Maaseikse vereniging met een eigen opnamestudio. Hier werden jingles, commercials en muziek van lokale artiesten geproduceerd — een belangrijke creatieve motor achter de radio.

Een logo vol symboliek
Het logo van Radio Veronica Anders verwees nadrukkelijk naar Maaseik: een blad van de Amerikaanse eik op de achtergrond en onderaan een gestileerde boot, symbool voor de Maas.

Van Veronica Anders naar Lokale Radio Grafiek Maaseik
In november 1990 moest de naam worden gewijzigd vanwege het decreet-Van Rompuy, dat elke niet-openbare radio verplichtte een unieke naam te voeren. De nieuwe naam werd Lokale Radio Grafiek Maaseik. Voor luisteraars zorgde dit voor verwarring, omdat de concurrent al opereerde onder de naam Lokale Radio Maaseik.

Een bruisende vrijwilligersploeg
Rond 1998 telde Lokale Radio Grafiek Maaseik zo’n veertig vrijwilligers. De werking draaide volledig op reclame-inkomsten, die nodig waren voor apparatuur, huisvesting, elektriciteit en auteursrechten. De radio zond 24 uur per dag uit, met een mix van non-stopmuziek, duidingsprogramma’s en uiteenlopende muziekgenres. Ook regionale informatie kreeg een vaste plek: verenigingen konden hun activiteiten laten aankondigen.

Bekende medewerkers waren onder anderen Patrick Kicken, later te horen op 3FM, Mona (Loek Kessels-Brandt) van de populaire rubriek Lieve Mona in Story, en Jo Smeets, alias Jojo, bekend van zijn schlagershows.

Nieuwe samenwerkingen en evoluties
In 1998 sloot de radio zich aan bij Family Radio. Vanaf oktober 2001 werd het programma van Contact 2 uitgezonden. Toen de vzw Veronica Anders in 2003 opnieuw een erkenning kreeg, besloot men Contact 2 verder door te stralen. De vzw werd toen onder meer bestuurd door Contact NV en Contact Vlaanderen NV. De antenne verhuisde naar het dak van het oude ziekenhuis in Maaseik.

Een nieuw tijdperk
In 2010 werd de vzw overgenomen door Christophe Moens. Op de Maaseiker frequentie werd voortaan het programma van Club FM uitgezonden. Daarmee sloot een rijk hoofdstuk van lokale radiogeschiedenis af, maar de herinnering aan Radio Veronica Anders en Lokale Radio Grafiek Maaseik blijft tot vandaag voortleven.

Radio De Vrije Vogel – het Maaseiker radiostation dat vleugels kreeg

In 1982 streek op het industrieterrein van Maaseik een nieuwe speler neer in het lokale radiolandschap: Radio De Vrije Vogel. Een jaar later gingen de eerste officiële programma’s de ether in, met dank aan de gebroeders Joosten, die het station met veel enthousiasme uitbouwden. Niet veel later verhuisde de zender naar de Weertersteenweg en groeide De Vrije Vogel, dankzij een eigen vzw (nr. 424.386.084), uit tot een volwaardige lokale radio. Het erkenningsdossier kreeg nummer 713.

De Vrije Vogel was meer dan een radiozender — het was een ontmoetingsplek voor de gemeenschap. Zo werd op 8 december 1983 een live-uitzending gewijd aan de Stokkemse Kunstkring Arnold Sauwen, waarin verleden, heden en toekomst van de vereniging centraal stonden.

In 1984 volgden de ene activiteit na de andere.
Op 28 april lokte een grote kienavond in zaal Wilgenveld te Wurfeld honderden deelnemers — sommige avonden zelfs tot 1.000.
Op 1 juni verscheen de lijst met de eerste 104 erkende lokale radio’s, en De Vrije Vogel stond erbij.
Op 16 juni werd een voetbaltoernooi georganiseerd, afgesloten met een galabal.
Op 23 september gooide de radio de deuren open voor het publiek, compleet met drankjes, infostand en attracties voor jong en oud.
De officiële erkenning volgde op 8 november 1984, gepubliceerd in het Staatsblad van januari 1985. De vergunde frequentie werd 107,6 MHz.

Ook Sinterklaas vond zijn weg naar de studio. Op 1 december 1984 bracht een toeristisch treintje kinderen gratis van de markt naar de radio, waar de Sint hen opwachtte.

Begin 1985 organiseerde De Vrije Vogel een warme feestnamiddag voor 300 ouderen, zieken en alleenstaanden. Dankzij sponsors kon dit volledig gratis worden aangeboden. In dezelfde periode werd een actie opgezet voor hulpverlening aan Afrika: ingezamelde prijzen werden per opbod verkocht en brachten 100.000 BEF op.

De paashaas kwam op 9 april 1985 langs in de studio om jongeren te verrassen met geschenken en paaseitjes, en op 14 juli volgde een grote playbackshow voor kinderen.

Toch kende het verhaal ook een dip: volgens Het Belang van Limburg werd de zender op 26 februari 1986 uit de ether gehaald wegens uitzenden zonder vergunning.

In 1990 kwam de vzw in nieuwe handen, met Michel Tulkens als voorzitter. Onder zijn leiding zette de radio zich sterk in voor sociale projecten. Zo ging 300.000 BEF naar de vzw Jeugdhuizen Relmdis, en kregen ook MPI Ter Engelen en Tevona elk 100.000 BEF steun.

In maart 1991 volgde een opmerkelijk moment: Tulkens en medewerker Huub Stevens ontmoetten in het Duitse Wassenberg een adviseur van Gorbatsjov. Het gesprek met professor Daschitschew gaf een verrassend nieuw beeld van de Oost-Westverhoudingen en werd op 17 maart 1991 uitgezonden.

De zender wilde een andere naam aannemen. Men koos voor Studio Centraal maar dat werd afgewezen, de jingles waren al klaar…

Van De Vrije Vogel naar Radio LRM
Toen in 1990 de vzw van Radio De Vrije Vogel werd overgenomen door de familie Beuten, begon een nieuwe fase in het Maaseiker radiolandschap. Niet lang daarna veranderde de naam van het station. Dat was geen toeval: door het decreet-Van Rompuy moest elke niet-openbare radio een unieke roepnaam hebben. Tegelijkertijd koos concurrent Radio Veronica Anders voor een nieuwe naam: Lokale Radio Grafiek Maaseik. Het gevolg laat zich raden: veel luisteraars haalden de twee door elkaar. De ene heette voortaan Lokale Radio Maaseik (LRM), de andere Lokale Radio Grafiek Maaseik — verwarring alom.

Toch zette Radio LRM door. Met de aankoop van een pand vlak bij het centrum van Maaseik werd een ambitieus plan in gang gezet. Tussen 1994 en eind 1995 werd het gebouw grondig verbouwd. Begin 1996 verhuisde de volledige werking naar de Koning Albertlaan, waar in mei van dat jaar de vernieuwde studio’s feestelijk werden geopend tijdens een drukbezochte opendeurdag.

In de jaren die volgden werkte Radio LRM nauw samen met FM Limburg (1995–2002), wat zorgde voor een professionelere uitstraling en een breder bereik.

Een belangrijke stap kwam in april 2010, toen de frequentie van VIVA FM in Kinrooi werd overgenomen. Daardoor kreeg LRM er een extra uitzendpunt bij op 105.10 MHz.

Op 1 januari 2018 volgde een nieuwe erkenning voor drie frequenties:
107.60 MHz in Maaseik
105.10 MHz in Kinrooi
105.90 MHz in Bree

Met die erkenning werd bevestigd wat luisteraars al lang wisten: Radio LRM was uitgegroeid tot een vaste waarde in Noordoost-Limburg, stevig geworteld in de lokale gemeenschap.

Tot op heden is de radiozender nog steeds in handen van de VZW LRM. De beheerraad van de VZW LRM bestaat uit: Jean Beuten (voorzitter), Bart Beuten (ondervoorzitter), Nadine Beuten (secretaris en stationmanager) en Josephine Vermeulen (penningmeester).

Radio Fantasy: van caravan in Weelde tot Classic Gold‑zender

Radio Fantasy zag in augustus 1980 het levenslicht dankzij de broers André en Erik Havermans. In de tuin van Louis en Maria Jonkers, aan de Schoolstraat 66 in Weelde, bouwde Erik een volledige studio in een eenvoudige caravan. De naam van het station was een knipoog naar Fantasy van Earth, Wind & Fire.

Aanvankelijk klonk Radio Fantasy slechts enkele uren per weekend op 102,8 MHz. Toen de RTT de zender kwam peilen, werd een inbeslagname op spectaculaire wijze voorkomen, maar de schrik zat erin en het station ging tijdelijk uit de lucht. In mei 1981 volgde een herstart, en vanaf september dat jaar groeide het team en werd het volledige weekend gevuld met programma’s. Dankzij een hoger zendvermogen reikte het signaal tot ver in Nederlands Brabant.

De zender trok ook Nederlandse dj’s aan, onder wie Koos den Hollander, Jack van der Plas, Frans de Wit, Rob van der Meer en Dirk Landing. Met hun komst schakelde Radio Fantasy over op dagelijkse uitzendingen van ’s morgens vroeg tot middernacht. De caravanstudio bleek intussen niet waterdicht, waardoor het hele geheel naar een loods verhuisde — inclusief een tweede caravan wegens plaatsgebrek.

Het station kende ook tegenslagen. Op 12 juni 1982 sloeg de bliksem in op de antenne en werd de zender vernield. Enkele maanden later, op 27 oktober, verzegelde de RTT de volledige installatie wegens te hoog zendvermogen. Een noodzender bracht de luisteraars op de hoogte, waarna financiële en materiële steun toestroomde. Al op 30 oktober was Radio Fantasy opnieuw volledig operationeel. Diezelfde maand werd bovendien het duizendste fanclublid gevierd, met Corry Konings als eregast.

In 1983 schakelde het station over op 24‑uursuitzendingen, met een mix van muziek, spelletjes, regionaal nieuws en populaire programma’s zoals Raad u het, dan krijgt u het, De Wakkerbelservice, Fantasy’s Prijzenfestival en De Felicitatiedienst. Radio Fantasy trok eropuit met live-uitzendingen op evenementen in Riel en Tilburg, en de Drive‑in Show van Huub Rozenberg groeide uit tot een publiekstrekker.

Het station bleek ook een springplank voor jong talent. Rob Stenders draaide er als tiener zijn eerste platen, en Toine van Peperstraeten maakte er jarenlang radio voordat hij naar NOS Studio Sport vertrok.

Radio Fantasy kreeg uiteindelijk een officiële erkenning op 107,10 MHz met een zendvermogen van 100 watt. Dat was goed nieuws, al betekende het lagere vermogen dat veel Nederlandse luisteraars wegvielen. Om dat op te vangen, werd het signaal een tijdlang via diverse Nederlandse kabelnetten verspreid.

In de laatste vijf jaar stond het station onder leiding van Govert Wouterse, beter bekend als Rob van der Meer. Hij gaf het station in 2005 een nieuw format: uitsluitend muziek uit de jaren ’50, ’60 en ’70, onder de naam Fantasy Classic Gold. Het concept sloeg aan, maar de reclame-inkomsten daalden gestaag.

Op vrijdag 31 december 2010 viel definitief het doek. Radio Fantasy stopte na exact dertig jaar — een einde aan een kleurrijk hoofdstuk uit de regionale radiogeschiedenis.

Delta Radio België – Hoe een Nijmeegse Piraat de Limburgse Ether Veroverde

Wanneer in het voorjaar van 1989 een groep radiomakers uit Nijmegen de grens oversteekt richting Belgisch‑Limburg, hebben ze één doel: hun succesformule van Delta Radio Nijmegen nieuw leven inblazen op Belgische bodem. Wat volgt is een verhaal van ambitie, technische creativiteit, bureaucratische hindernissen en een radiowereld die fundamenteel anders werkt dan in Nederland. Dit is het verhaal van Hitradio Delta Vrij Bilzen, later bekend als Delta Radio België.

Van Nijmegen naar Bilzen – een onverwachte doorstart
Delta Radio Nijmegen, jarenlang een begrip in Oost‑Nederland, komt eind jaren tachtig in zwaar weer terecht. De zender moet in het najaar van 1989 stoppen. Maar nog vóór dat moment besluiten vier sleutelfiguren uit de Nijmeegse radioscène – Frank Sanders, Jos Fraayen en de gebroeders De Wit – hun blik te richten op België. Daar ligt een kans: Radio Vrij Bilzen, een lokaal station in de gemeente Bilzen, met bijna 30.000 inwoners verspreid over vijf kerkdorpen.

In begin 1989 wordt Radio Vrij Bilzen overgenomen. Kort daarna sluit reclameman Hidde Rijpstra zich aan als partner. De nieuwe eigenaren willen het station ombouwen tot een professionele zender naar het voorbeeld van Delta Nijmegen. De naam verandert in Hitradio Delta Vrij Bilzen, en de eerste stap is het moderniseren van de techniek.

Technici uit Nijmegen bouwen een nieuwe antenne en studio. Het vertrouwde Delta‑jinglepakket wordt geïnstalleerd, waardoor de zender meteen een herkenbare sound krijgt. Ook Nederlandse Delta‑dj’s steken de grens over om programma’s te maken. Namen als Melvin Jacobs, Ferry van Daalen, Peter van Vlokhoven en Mark van de Ven worden vaste stemmen in Bilzen.

Een kabeldroom die niet mocht
Wanneer Delta Nijmegen in 1989 definitief stopt, ontstaat het idee om Hitradio Delta Vrij Bilzen via de kabel in Nijmegen uit te zenden. Zo zou Delta toch nog in Nederland blijven bestaan. Maar de wet steekt daar een stokje voor: alleen zenders die in de regio via de ether te ontvangen zijn, mogen op de kabel. Satellietontvangst telt ook, maar Delta Bilzen heeft geen satellietverbinding en is in Nijmegen niet te ontvangen. De kabeldroom spat uiteen.

De Nijmeegse eigenaren verkopen hun aandelen aan Hidde Rijpstra, die voortaan alleen verdergaat met het station.

Delta België – ambitie in een overvolle ether
Rijpstra bouwt Delta Vrij Bilzen verder uit. Twee Nederlandse medewerkers, Melvin Jacobs en Ferry van Daalen, verblijven doordeweeks in België om programma’s te maken en de dagelijkse werking te verzorgen. Maar al snel blijkt dat de Belgische radiowereld totaal anders functioneert dan de Nederlandse.

De Belgische handicap
In België mogen lokale radio’s:
slechts met laag vermogen uitzenden,
lage antennemasten gebruiken,
en opereren in een ether die al propvol zit met andere zenders.

Het gevolg: het bereik van Delta België blijft beperkt tot ongeveer 12 kilometer. De grote ambitie – een harde ontvangst in Maastricht – wordt nooit gehaald.

Daar komt nog bij dat Delta zijn zendvergunning na verloop van tijd moet delen met een ander station, waardoor het in het weekend niet meer mag uitzenden. Dat is funest voor de luistercijfers én voor de advertentie-inkomsten.

De strijd om bereik – en de Belgische controledienst
Zoals veel Belgische vrije radio’s probeert Delta het beperkte bereik te compenseren door een extra versterker tussen de zender te plaatsen. Niet veel, maar genoeg om concurrenten buiten te houden. Maar dat leidt tot klachten, en klachten leiden tot bezoek van de Belgische controledienst – “apostelen met zo’n klein busje”, zoals Rijpstra het noemt.

Bij herhaalde overtredingen dreigen hoge boetes en zelfs intrekking van de vergunning. De radiomakers moeten steeds creatiever worden om binnen de regels te blijven én toch luisteraars te bereiken.

Een radiolandschap in beweging
Om Delta België te begrijpen, moet je de Belgische radiogeschiedenis kennen. Eind jaren zeventig en begin jaren tachtig kent België een grote piratenscène. In 1981 wordt een Waalse studentenzender opgepakt. De medewerkers – rechtenstudenten – ontdekken dat er nergens in de Belgische wet staat dat uitzenden verboden is. De rechter moet hen vrijspreken. De ether wordt in één klap “vrij”.

Vrije radio’s schieten als paddenstoelen uit de grond. Grote namen ontstaan: Maeva, Seven, Antigoon, Contact. Later komt er een mediawet die de zenders legaliseert, maar hen tegelijk beperkt tot lage vermogens. Het gevolg: honderden kleine stations met minieme reikwijdte.

Delta België probeert in dat oerwoud overeind te blijven.

Een station met karakter – en conflicten
Ondanks de beperkingen bouwt Delta België een herkenbare programmering op. Nieuwe presentatoren worden aangetrokken, zoals Bert Haupts uit Maastricht voor de “Romantische 120 Minuten” en Marc de Wit voor de “Delta’s Denderende Dertig”.

Maar niet alles verloopt soepel. Sommige presentatoren blijken moeilijk aan te sturen. In één beruchte anekdote sleurt Melvin Jacobs een eigenwijze dj letterlijk achter het mengpaneel vandaan en zet hem buiten.

De studio wordt volledig vernieuwd, met hulp van technicus André Bax. De oude studio wordt omgebouwd tot Studio 2. Ondanks de tegenvallende inkomsten beleeft het team “een paar geweldige jaren”, zoals Rijpstra het later omschrijft.

De onvermijdelijke realiteit
Toch blijft de Belgische regelgeving een molensteen:
lage vermogens,
beperkte zendhoogte,
een “comfort zone” die het bereik kunstmatig klein houdt,
hoge boetes bij overtreding,
en stijgende kosten voor auteursrechten (Sabam).

Rijpstra ziet de bui hangen. In 1993 draagt hij het station over aan een Belgische groep, maar die krijgt het niet rendabel. In 2003 neemt hij het station opnieuw over, in de hoop dat een nieuw frequentieplan verbetering brengt. Maar de overheid staat slechts 100 watt toe – veel te weinig om een regio als Hasselt‑Tongeren‑Maastricht te bedienen.

Het station is daarmee gedoemd om klein te blijven.

Het einde van Delta België – en een nieuwe bestemming
Uiteindelijk wordt Delta België onderdeel van C‑Dance, een Vlaams radiostation dat zich richt op dancemuziek. Daarmee komt een einde aan het avontuur dat begon als een ambitieuze poging om de Nijmeegse Delta‑formule naar België te brengen.

Voor Hidde Rijpstra blijft het een onvergetelijke periode:
“Delta Radio België, een prachtige tijd en dat vergeet je nooit meer.”

Radio Atlantis / Radio ATL – Van Slaapkamerzender tot Noord-Limburgse Radiostem

Wanneer in 1981 een kleine FM‑zender opduikt in de slaapkamer van Jo van Broekhoven in de Schoolstraat in Bocholt, kan niemand vermoeden dat hier het begin ligt van een van de bekendste lokale radio’s van Noord‑Limburg. Samen met Tony de Ruyter maakt Jo in het weekend de eerste programma’s op 103,50 MHz. De studio is niet meer dan een discobar op een slaapkamer, maar de ambitie is groot.

Van piratenzender naar officiële vzw
Om erkenning te krijgen wordt op 25 november 1982 de vzw Radio Atlantis Noord‑Limburg opgericht (ondernemingsnummer 424.044.507).

Frans Clymans wordt voorzitter, Eddy Bakker ondervoorzitter enGust Broux secretaris.

De organisatie krijgt structuur: een beheerraad voor financiën en interne problemen, een programmaraad voor de dagelijkse werking en een adviesraad waarin iedereen mag zetelen. Het dossier krijgt referentienummer 466.

Ondertussen groeit de populariteit van de zender, maar de slaapkamerstudio wordt een probleem. Het huis loopt elk weekend vol met bezoekers. Een nieuwe locatie is noodzakelijk.

1983 – Verhuis naar Bree en een protestuitzending
In april en mei 1983 wordt de studio verhuisd naar de kelder van het Parochiaal Tehuis in Gerdingen (Bree). Op 12 mei 1983 zendt Atlantis één dag uit onder de naam Radio Uylenspiegel, een ludiek protest tegen de verplichte verhuis.

Op 1 juli 1983 opent burgemeester Jaak Gabriëls officieel de nieuwe studio’s. Er zijn twee volwaardige studio’s en zelfs een debatruimte. De programmatie wordt uitgebreid:

Dagelijks van 15.00 tot 00.00
Zaterdag van 9.00 tot 3.00
Zondag van 9.00 tot 00.00

Erkenning en samenwerking met Nederland
Op 14 juli 1983 volgt een positief preadvies van de Raad van Niet‑Openbare Radio’s. Een jaar later, op 1 juni 1984, verschijnt Radio Atlantis op de lijst van de eerste 104 erkende lokale radio’s. De officiële erkenning wordt gepubliceerd in het Staatsblad van 22 januari 1985.

Omdat 70% van de luisteraars uit Nederland komt, start Atlantis in september 1983 een samenwerking met de Regionale Omroep Zuid‑Limburg (ROZ). ROZ heeft te veel nieuws en te weinig zendtijd; Atlantis heeft veel zendtijd maar beperkte nieuwsvoorziening. De samenwerking is voor beide partijen ideaal.

In 1984 beschikt Atlantis over een van de meest professionele studio’s van Noord‑Limburg. In 1985 krijgt de zender een nieuwe frequentie: 105,90 MHz.

Groeien, vieren en verhuizen
De radio blijft uitbreiden. Op 10 mei 1986 viert Atlantis zijn vijfjarig bestaan met een groot lustrumfeest in zaal TISM, met optredens van o.a. Gerard Joling, Albert West, Piet Veerman en Salim Seghers.

Op 20 juni 1987 verhuist de studio opnieuw, dit keer naar de sporthal van Bree. Er komen drie professionele studio’s, een vergaderruimte en een cafetaria. Burgemeester Gabriëls knipt opnieuw het lint door en hoopt dat dit “de laatste Atlantis‑tent” zal zijn. Na een inwijding door E.H. Vanherk worden de deuren geopend voor het publiek.

Atlantis als spelmaker en cultuurdrager
In de zomer van 1987 organiseert Atlantis samen met de Breese Toeristische Raad een grote zoektocht naar de Breese Gouden Voet. Via een wekelijks vervolgverhaal op de radio worden luisteraars steeds dichter bij de vindplaats gebracht. Uiteindelijk vinden Katleen en Peter Bongaerts het kleinood in de Tongerlose Keyartmolen. Ze winnen een bronzen replica met een goudklompje ter waarde van 20.000 BEF.

In datzelfde jaar maken Wim Weetjens en Matth Mouling het jongerenprogramma Jeugdraad‑io. Het programma staat bekend om interviews, weggeefacties en zelfs een hoorspel waarin een geënsceneerde elektrocutie zó realistisch klinkt dat Matths vader in paniek de studio binnenstormt.

Op 14 augustus 1987 volgt een groots opgezette Elvisnacht, met films, gadgets en gesprekken met o.a. Will Tura en Sylvain Verter.

Bekende stemmen en vaste waarden
Op 8 oktober 1988 presenteert Jan van Weert zijn 250ste uitzending van Met de muziek mee. Sinds 1983 draait hij live Alpenmuziek, goed voor meer dan 10.000 nummers.

Nieuwe naam, nieuwe samenwerkingen
In 1991 moet de radio van naam veranderen omdat slechts één Vlaamse zender de naam “Atlantis” mag gebruiken. De nieuwe naam wordt Radio ATL.

In 1995 volgt een samenwerking met FM Limburg, waarmee de zender opnieuw een groter bereik en meer inhoud krijgt.

Nieuwe bestuurders en een nieuw tijdperk
Op 30 januari 2001 wordt een nieuwe beheerraad verkozen: Willem Janssen (voorzitter), Mariet Mertens (secretaris/penningmeester) en Hugo Foets.

In 2004 sluit Radio ATL zich aan bij het netwerk Cool FM, waarmee een nieuw hoofdstuk begint in de geschiedenis van de zender. Een lang leven is de zender niet beschoren. Heden ten dage is de zender niet meer actief.

Radio Royaal Regionaal – Het Verhaal van een Grensoverschrijdende Radiopionier

Door de jaren heen zijn er talloze piratenzenders geweest. Maar slechts een handvol wist uit te groeien tot een begrip dat decennialang standhield. Radio Royaal Regionaal was zo’n zender. Een station dat begon als een jongensdroom in Leende en uitgroeide tot een radiomacht die tot ver voorbij Den Bosch te horen was. Dit is het verhaal van pioniers, knutselaars, durfallen en radiomensen met een ontembare passie.

1981 – Het begin: twee dj’s, één idee
Het is juni 1981. Terwijl Charles en Diana trouwen, Bernard Hinault de Tour wint en Champaign de hitlijsten aanvoert, zitten twee jonge dj’s in een woonkamer in Leende te praten over verboden radio. Jos van Weegberg en Peter van de Sande, beiden actief bij de V.R.O.B., dromen van een eigen station. Een zender die vrij is, eigenwijs, en vooral: van hén.

Jos informeert bij zenderbouwer Johan Deprez. De kosten vallen mee. De beslissing volgt snel: Radio Royaal moet werkelijkheid worden.

Tijdens een vakantie in Pineda de Mar leest Jos dat het piratenschip Radio Paradise is geënterd. Het sterkt hem alleen maar in zijn overtuiging dat hij het anders wil doen. Beter. Slimmer. En vooral: veiliger.

Terug in Nederland wordt de zender gebouwd. Een team ontstaat:
Anton Kees levert programma’s op band,
Ad van Gestel verzorgt de non-stop uren,
Bert de Vries, Jos’ zwager, wordt de organisatorische spil.

Maar uitzenden in Nederland is te riskant. Dan komt Jos’ moeder met een gouden tip: kennissen in Hamont-Achel, net over de grens. In België wordt vrije radio gedoogd. De keuze is snel gemaakt.

De eerste uitzendingen – pionieren in een paardenstal
In een oude paardenstal in de Ruiterstraat wordt een geïmproviseerde studio gebouwd. Een mast van restpijpen, een zender op houten blokken, een bandrecorder uit een thuisstudio. Op een middag om drie uur gaat de eerste testuitzending de lucht in.

De herkenningstune wordt Music in the Air van U.S. (1974).
De dj-namen klinken als een piratenlegende:
Kees Molenaar, Bert de Vries, Schaluintje, Martien van de Berg.

Maar de techniek sputtert. Brom, vocht, frequentieverloop. Soms drijft het signaal richting de BRT-frequenties. De oplossing? Een gloeilamp boven de zender. Later zelfs een broedlamp. Warmte als wapen tegen de grillen van de elektronica.

Ondertussen start Peter van de Sande zijn eigen station: Radio Eastwave, één week eerder in de lucht dan Royaal.

De doorbraak – luisteraars, verzoekjes en café De Zwaan
Wanneer de techniek eindelijk stabiel draait, blijkt het bereik verrassend groot. Verzoekplaten stromen binnen. In café De Zwaan in Hamont worden programma’s opgenomen, met publiek erbij. Het café wordt een soort openluchtstudio avant la lettre.

Royaal groeit. Een nieuwe zender volgt. Ondernemers willen regioberichten laten omroepen. Live-uitzendingen vanaf evenementen trekken aandacht. De naam Royaal begint te leven.

De unieke samenwerking met Eastwave
Omdat beide stations dezelfde zenderbouwer hebben, besluiten ze iets ongebruikelijks: ze delen dezelfde frequentie, 101.2 MHz.

Eastwave tot 13.00 uur, Royaal daarna, naadloos.

Luisteraars merken het nauwelijks. De muziekkeuze verraadt het pas na enkele minuten.

In 1982 volgt een bijzonder project: WMR – Weekend Muziek Radio, een driedaags kerststation met 3×24 uur vooraf opgenomen programma’s. De uitzendingen komen vanuit een verlaten boerderij in Budel, waar illegaal stroom wordt afgetapt. Het levert 1500 gulden aan reclamegeld op. Piraterij met een businessmodel.

De Belgische jaren – zes studio’s, steeds groter bereik
Radio Royaal verhuist meerdere keren binnen Hamont-Achel:

Ruiterstraat – paardenstal

Kievitstraat – bouwkeet, later serre

Stadswaag – centrumlocatie, maar storingsklachten

Weiland bij de grens – zender apart geplaatst

Boerderij bij Belien Carrosserie – straalverbindingen

Kluizerdijk – de grote doorbraak

Vanaf de Kluizerdijk wordt Royaal een radiomachine.
24 uur per dag, 7 dagen per week.
Een vermogen van 2 kW.
Een antenne met acht dipolen.

Het bereik is ongekend voor een lokale Belgische zender: tot Den Bosch, Tilburg en soms Utrecht. De lineair is slim verstopt in de mast en schakelt automatisch uit bij controle van de RTT.

Royaal wordt in Zuidoost-Brabant populairder dan Hilversum 3 en Omroep Brabant. Platenmaatschappijen leveren muziek aan. De Royaal Top 100, later de Top 45, wordt een begrip.

Professionalisering – jingles, reclame en grote namen
Vanaf 1986 mag lokale radio in België reclame uitzenden. Via jinglemaker Joop Krefeld komen grote adverteerders binnen: Goossens Meubelen, Beter Meubel, Peters Adviesgroep. Zelfs Singapore Airlines en Bose adverteren via Royaal.

In 1991 verhuist Royaal naar de Sint Odilialaan 120, waar een professionele studio wordt gebouwd met een mixconsole, draaitafels, Tascam MD-spelers en een Spotmaster-jinglemachine. Bekende dj’s zoals Patrick Kicken en Rob van Laar werken er.

Maar succes trekt aandacht. Erik de Zwart van Radio 538 klaagt over interferentie op 103 MHz. Na onderzoek blijkt Royaal officieel 30 watt te gebruiken, maar de verborgen lineair wordt uiteindelijk ontdekt. Royaal moet tijdelijk terugschakelen.

De jaren ’90 – live radio, straalverbindingen en grote evenementen
Royaal wordt een vaste waarde op evenementen in Zuid-Nederland. Met straalverbindingen worden live-uitzendingen verzorgd vanaf:

de Zuid-Nederlandse beurs
het E3-strand
de markt in Valkenswaard
winkelcentra

Frans Bauer wandelt spontaan binnen tijdens een uitzending in de Tongelreep.
Ome Janus viert zijn vijftigste verjaardag live op Royaal.

Het einde van de Belgische periode – en de sprong naar Nederland
Het Europese frequentieplan maakt het voor grenszenders moeilijk. Nederlandse commerciële stations – Veronica, 538, Radio 10 Gold – drukken steeds harder.

Royaal besluit te bieden op twee Nederlandse commerciële kavels: 93.2 en 93.6 MHz.
In 2003 verhuist het station naar de Dukaathof in Dommelen, onder leiding van Wim Vaassen.

Een tijdlang draait Royaal op drie frequenties tegelijk:
103.0 MHz (België)
93.2 MHz (Dommelen)
93.6 MHz (Eindhoven)

Later wordt de 93.2 verplaatst naar het PSV-stadion in Eindhoven.

Royaal FM – de laatste hoofdstukken
De Wijmans Media Groep neemt het station over en doopt het om tot Royaal FM. In 2008 volgt een fusie met Perry Oerlemans (Radio Decibel). Royaal zendt uit op 93.6 MHz, Decibel op 93.2 MHz.

Maar de uitgeverij heeft weinig affiniteit met radio. De frequenties worden verkocht aan een regionale groep uit de Achterhoek. Daarmee komt een einde aan een van de meest markante radiogeschiedenissen van de Lage Landen.

Een erfenis die blijft
Radio Royaal Regionaal was meer dan een piratenzender. Het was een grensoverschrijdend fenomeen, gedragen door passie, creativiteit en een flinke dosis lef. Een station dat begon in een paardenstal en eindigde als commerciële speler. Een zender die luisteraars verbond, dj’s opleidde en de ether kleur gaf.

De masten en het gebouw zijn verdwenen. De zenders zijn stil.
Maar het verhaal – dát blijft.

Radio Monza: van keukentafel‑piraat tot vaste waarde in Kinrooi

Wat begon als de jongensdroom van Kinrooienaar Pierre Christis, groeide in 45 jaar uit tot een van de meest herkenbare lokale radiostemmen van Noord‑Limburg. In 1980, toen lokale radio’s nog verboden waren en je half ingenieur moest zijn om überhaupt een zender in de lucht te krijgen, besloot Pierre dat het tijd was voor iets nieuws. Als Radio Veronica het kon vanaf de Noordzee, dan moest het in Kinrooi toch ook lukken.

De eerste uitzending: aan de keukentafel
Op 7 december 1980 was het zover. Met hulp van technicus Wim Stals (Radio Barracuda) ging Pierre voor het eerst de ether in. De studio? Gewoon de keukentafel in de Manestraat, achter Café De Grenshook.
Maandagavond werd al snel hét moment voor verzoekplaatjes. De telefoon stond roodgloeiend; soms waren er meerdere telefonisten nodig om alle aanvragen te noteren. De naam van de zender lag ook meteen vast: Radio Monza, genoemd naar het beroemde Italiaanse racecircuit.

Het leven als piraat
Succes had een keerzijde. De rijkswacht was nooit ver weg, en dus moest de antenne regelmatig halsoverkop worden binnengehaald. Toch bleef Monza draaien. De keuken werd te klein en de zender verhuisde naar een omgebouwde schapenstal aan de Breeërsteenweg — waar nu Apotheek Peeters staat.
Opvallend detail: zelfs sommige agenten bleken trouwe luisteraars. Ze kwamen geregeld een drankje doen in de studio.

Verzoekjes in sappig Kinroois
De charme van Monza zat in de spontaniteit. Presentatoren draaiden platen uit pure liefde voor muziek, en het Kinroois dialect klonk vrolijk door de luidsprekers.
Aankondigingen als “een plaatje omdat Thoke en Drieda goed geholpen hebben” of “voor ons moeke, zodat ze Corry Konings kan opnemen” waren dagelijkse kost. Monza was radio van en voor de mensen.

Van vrije naar erkende lokale radio
Op 15 september 1982 kreeg Radio Monza zijn officiële erkenning. De zender telde toen vijftig leden, waarvan 25 dj’s. De antenne hoefde niet langer verstopt te worden, maar er kwamen wel administratieve verplichtingen bij. Zo moesten dj’s vooraf een lijst indienen van alle nummers die ze gingen draaien, voor de controle van SABAM.

Een echte radio, zoals het hoort
Met de erkenning groeide Monza snel. Lokale adverteerders stapten mee in het verhaal en Pierre bouwde een hechte vriendenploeg uit. Hij wilde radio maken zoals het hoorde: met een herkenbare stem, livemuziek en een warm hart voor de gemeenschap.
Twintig jaar lang zat de studio aan de Weertersteenweg, tot de verhuis naar de Esserstraat, waar Monza nog steeds huist. De voormalige houtzagerij en toonzalen kregen een nieuwe bestemming, compleet met bar (gebouwd door Tonny Donné) en een glazen studiowand zodat bezoekers live konden meekijken.

Radio met een hart
Pierre vond dat Monza er moest zijn voor iedereen — zeker voor zieken, ouderen en mensen die zich eenzaam voelden. Het busje van Ter Engelen stopte regelmatig aan de studio, zodat jongeren met een beperking zelf een plaatje konden aankondigen.
Tijdens de coronaperiode bleek opnieuw hoe belangrijk die verbondenheid was.

Nieuwe erkenning, nieuwe technologie
In 2017 kreeg Monza opnieuw een erkenning, dit keer voor negen jaar. De zender breidde uit met een extra frequentie in Maaseik (105.6 FM) en schakelde over op DAB+ en livestreaming. Lokale informatie bleef een speerpunt, met onder meer een maandelijks programma van dj Peeke.

Afscheid van bezieler Pierre Christis
In 2022 werd Pierre ernstig ziek. Op 26 juni bracht de Wensambulance hem nog één keer naar zijn geliefde studio. Hij moedigde zijn team aan om vooral door te gaan. Kort daarna overleed hij. Zijn broer Henri Christis nam het voorzitterschap over.
Pierre’s foto hangt nog altijd centraal in het gebouw — een stille herinnering aan de man die het allemaal begon.

45 jaar Radio Monza
In september 2025 vierde Monza zijn 45‑jarig bestaan met een groot feest aan de studio. De tent zat vol luisteraars, artiesten en medewerkers. De zender telt vandaag 32 dj’s en 25 medewerkers.
Medewerker Jan Bussels vatte het feestgevoel perfect samen:
“En voilaaaaa, beste luisteraars, nu gaan we er een lap op geven naar ons 50‑jarig bestaan.”

En de missie? Die blijft dezelfde
Radio Monza draait nog altijd waar het ooit mee begon: muziek voor iedereen, met een warm hart voor de gemeenschap.

Monzalied ter gelegenheid van het 25-jarig bestaan

Refrein:
In Kinder dao ligt eu Kefeeke
Dao weurt neet op ein oor gekeeke
Dao drejje ze van vreug tot laat
Radio Monza steeds paraat
Det honderd zes punt vief kefeeke
Daos ie er altied get te doon
Al veur eu prikske eu glaas beer
En gans veur niks is het plezeer.

’s Maondigs hubse de fanfaar,
Die zitten op zwart zaod.
’s Dinsdigs kuntj de vessersclub,
Diej kenne hiel gein maot.
’s Woonsdigs hubste viekoopmen,
Den is het altied pries.
’s Donderdigs den kumtj het koor,
Det bringt dich van de wies.

Refrein:

Documentaire Radio Luxemburg uit 1974

Radio Luxemburg was in de jaren zeventig veel meer dan een commerciële zender met een vlotte toon. Het station was een grensoverschrijdend fenomeen dat dankzij zijn krachtige middengolffrequentie miljoenen luisteraars bereikte — tot wel 600 kilometer buiten Luxemburg. Die enorme reikwijdte zorgde ervoor dat het signaal niet alleen in de Benelux en Duitsland kraakhelder binnenkwam, maar ook in grote delen van Oost‑Europa, waar het publiek massaal afstemde op de ‘vier vrolijke golven’.

In 1974 maakte de Südwestfunk (SWF) een televisiereportage over het succes van de Luxemburgse zender. De makers wilden begrijpen hoe Radio Luxemburg erin slaagde zo’n breed en trouw publiek aan zich te binden. Ze keken mee achter de schermen bij bekende radiostemmen als Axel Fitzke, Rolf Röpke, Hans Meiser, Oliver Spieker, Heidi Jakoby en Jochen Pützenbacher, en onderzochten de mix van organisatie, psychologie en showmanship die het station zo onderscheidde.

In de reportage wordt gesproken over een indrukwekkend bereik van zes miljoen luisteraars. Voor veel mensen in landen achter het IJzeren Gordijn was Radio Luxemburg een van de weinige westerse stemmen die vrij en ongeremd klonk. De middengolf maakte het mogelijk om ver voorbij politieke grenzen te reiken — een stille maar krachtige vorm van culturele invloed.

De film, gemaakt door Antoine H. Rucker en Wolfgang Trense in opdracht van de SWF, werd op 21 maart 1974 uitgezonden op Südwest 3.

error: Iets overnemen? Eerst contact opnemen!