Archieven mei 2026

Radiozenders lichten tipje van de sluier op over nieuw boek ‘Etherslag aan de Grens’

Radio Monza en Radio LRM besteden binnenkort aandacht aan Etherslag aan de Grens, het nieuwe boek van Pieter Janssen waarin de rijke radiogeschiedenis van Molenbeersel–Kinrooi wordt gereconstrueerd. Het werk, dat momenteel in de afrondende vormgevingsfase zit, brengt voor het eerst de verhalen samen van de grenszenders die vanaf de jaren tachtig legaal uitzonden en een trouw publiek vonden aan beide zijden van de Belgisch‑Nederlandse grens.

In het boek komen onder meer Radio Speedway, Radio NIVO en Radio Grensland uitgebreid aan bod. De auteur schetst hoe de vergunning van Speedway vanuit Bocholt naar Molenbeersel verhuisde, hoe zenders samenwerkten met concullega’s en hoe het medialandschap halverwege de jaren negentig ingrijpend veranderde. Ook portretten van markante medewerkers krijgen een plek, evenals talloze anekdotes uit de pionierstijd.

Daarnaast zoomt Etherslag aan de Grens uit naar het bredere fenomeen grensradio. Van Radio Luxemburg tot de U‑bochtconstructies van Sky Radio en Radio 10, en van de eerste commerciële Vlaamse zender Radio Flandria tot de vraag of grensradio anno 2026 nog relevant is: programmamakers en beleidsmensen geven hun visie op de toekomst van het medium.

Auteur Pieter Janssen licht het boek toe in twee radio-interviews.
Op vrijdag 12 juni is hij tussen 18.00 en 19.00 uur te gast bij Radio Monza, waar Hans Larson en Toine Smeets met hem in gesprek gaan.
Op zondag 14 juni volgt een interview bij Radio LRM, om 11.30 uur, met Johan Coolen.

Radio Monza is te horen via FM 106.5 (Kinrooi), FM 105.6 (Maaseik) en DAB+.
Radio LRM zendt uit op FM 107.6 (Maaseik), FM 105.1 (Kinrooi) en FM 105.9 (Bree). Beide stations zijn ook online te beluisteren.

Etherslag aan de grens: hoe grensradio Molenbeersel vormgaf aan een radiorevolutie

In de jaren tachtig barstte in Vlaanderen een radiogolf los: uit de grond schoten tal van vrije radiozenders, vaak zonder vergunning, gedreven door enthousiasme en lokale betrokkenheid. Waar de wetgeving uiteindelijk ruimte bood voor gelegaliseerd uitzenden binnen kleine gemeenschappen, ontstond een nieuw fenomeen: grensradio — Nederlandse initiatiefnemers die zich over de grens vestigden om met een Belgische vergunning te kunnen uitzenden naar hun geboorteland.

Een van die verhalen speelt zich af in Molenbeersel, een deelgemeente van Kinrooi. Daar groeide uit een illegale start in een ouderlijk huis aan de Fosheistraat het radioproject Radio Speedway. Toen in de gemeente Kinrooi al twee vergunningen waren toegekend en een derde aanvraagdossier werd afgewezen, vond initiatiefnemer Wiel Vrinssen een omweg: via politieke kanalen kwam hij te weten dat een bestaande vergunning uit Bocholt beschikbaar kwam. Zo kon Radio Speedway officieel verder als vzw Radio Bocholt Speedway.

De zender ontwikkelde zich in stappen: van een keukenstudio in een café aan de Weertersteenweg tot een eigen gebouw en uiteindelijk een verbouwde studio aan de Oudekerkstraat. Radio Speedway leefde van vrijwilligers en improvisatie; de programmering was een bonte mix, gestuurd door wie er beschikbaar was en met één prioriteit: reclameblokken op het hele uur laten klinken. Pogingen om in 1992 een consistente programmeringslijn te voeren strandden op de onregelmatige inzet van vrijwilligers. Pas in 1994 bracht moderne automatisering meer structuur en herkenbaarheid. De vzw achter de zender koos een nieuwe roepnaam: NIVO, een afkorting die stond voor een strakkere, vernieuwende koers in techniek en nieuws.

Het medialandschap veranderde snel. In tien jaar tijd ontstond een veelheid aan stations met duidelijke profilering. Tegelijkertijd nam de druk op de organisatie toe: de horeca-activiteiten van de vzw vroegen veel aandacht en energie. In 1998 bleek de rek eruit; de vzw werd overgedragen en het tijdperk van de lokale grenszender leek voorbij.

Toch paste het fenomeen in een langere traditie. Al in de jaren vijftig en zestig zond Radio Luxemburg uit voor meerdere landen; later maakten satelliettechniek en juridische constructies vergelijkbare grensoverschrijdende initiatieven mogelijk voor commerciële spelers zoals Radio 10 en Sky Radio. Grensradio was dus geen kortstondige curiositeit, maar onderdeel van een bredere ontwikkeling in Europese ethergeschiedenis.

Pieter Janssen (1973), zelf actief in de Molenbeerselse radiowereld van de jaren tachtig en negentig, reconstrueert deze periode in zijn nieuwe boek ‘Etherslag aan de Grens’. Hij beschrijft de opkomst en transformatie van de lokale zenders, plaatst ze in het nationale debat over grensradio en vraagt betrokkenen of grensradio anno 2026 nog relevant is.

Etherslag aan de Grens verschijnt eind juni. Voorinschrijven kan via www.etherslag.eu.

Voorwaarden voor erkenning lokale radio’s

Het Willockx‑decreet van 5 maart 1982 was het eerste Vlaamse kader voor de erkenning van lokale radio’s. Het moest orde brengen in het snel groeiende landschap van vrije radio’s, die tot dan zonder regels uitzonden. Het decreet verplichtte radio’s om als vzw te werken, lokaal gerichte programma’s te maken en zich aan strikte voorwaarden te houden.

Reclame bleef sterk beperkt en zenders hadden zowel een Vlaamse erkenning als een federale zendvergunning nodig. Het decreet vormde de eerste stap naar legalisering en professionalisering van het lokale radiolandschap.

Radio Popular: Een Vlaamse zender met een Nederlandse missie

Radio Popular ontstond begin jaren tachtig uit de gedrevenheid van Marinus Huyssen, die in het Nederlandse Walcheren al langer actief was als radiomaker. Omdat hij in Nederland voortdurend werd opgepakt door de radiocontroledienst – lokale radio was daar immers illegaal – week hij uit naar België, waar wél een erkenningssysteem bestond. Hoewel de zender zich in Vlaanderen vestigde, was het vanaf het begin de uitgesproken bedoeling om vooral het Nederlandse publiek te bereiken.

In het voorjaar van 1985 vond Radio Popular onderdak in Watervliet, eerst aan de Calusdijk. In een eenvoudige woning werden twee cassettedecks, een mengtafel en een zender opgesteld. In de tuin verrees een lage, getuide mast met twee dipoolantennes. Alle programma’s werden vooraf op cassette opgenomen en vervolgens uitgezonden richting Nederland.

Niet veel later verhuisde de zender naar het gehucht Mollekot, aan de Molenstraat 136, nog dichter bij de Nederlandse grens. Daar werd opnieuw een kleine studio ingericht voor het afspelen van vooraf opgenomen programma’s. Tegelijkertijd werd een indrukwekkend hoge zendmast geplaatst, uitgerust met vier dipolen die bewust op Nederland waren gericht. Dankzij die krachtige installatie, gecombineerd met sterke jingles en een doordacht muziekformat, groeide Radio Popular uit tot een van de best beluisterde stations in de grensstreek. De financiële steun van Frank en Pol van Frapo bv maakte verdere professionalisering mogelijk.

Vanaf de zomer van 1985 werd de studio uitgebreid en schakelde men over op liveprogramma’s. ’s Nachts draaiden opgenomen non-stopbanden door, zodat Radio Popular 24 uur per dag in de lucht was.

Om officieel erkend te worden, werd op 10 april 1986 de vzw Radio Popular opgericht, met Hans Van der Boor als voorzitter. De zender had de eerste erkenningsronde van 1982 gemist, maar wilde meedingen in de volgende ronde van 1988. Intussen bleef men zonder erkenning uitzenden, terwijl de RTT in 1985 en 1986 steeds actiever optrad tegen niet-erkende radiostations.

Het nieuws werd samengesteld in een aparte nieuwskamer, waar met behulp van een teletekstdecoder zowel Belgische als Nederlandse berichtgeving werd samengevat. Voor de uitzending gebruikte men een legale Pascal 50-zender, gekoppeld aan een niet-legale eindtrap van 250 watt. Die installatie werd begin mei 1986 in beslag genomen. Kort daarna schakelde men over op de in Nederland beruchte Rohde & Schwarz “Harry”-zender van ongeveer 500 watt, die een nóg groter bereik had – misschien wel té groot. Ook deze zender werd al snel geconfisqueerd.

Ondanks alle tegenslagen bleef de ambitie groot. Uiteindelijk werd een erkenningsaanvraag ingediend om onder de nieuwe roepnaam Radio Maximaal verder te kunnen uitzenden.

Het verhaal van Radio Focus Fantastic — een mini‑netwerk met grote dromen

In januari 1988 gebeurde er iets bijzonders in Leopoldsburg. In een studio aan de Nicolaylaan, tussen stapels banden, microfoons en de geur van versgemalen koffie, ontstond een radioproject dat veel groter zou blijken dan de ruimte waarin het begon: Radio Focus Fantastic.

Het idee kwam van onder meer Ritchy Olij, een man die niet alleen radio ademde, maar ook de bedenker was van PC Radio — toen nog een revolutionair systeem dat werkte met cassettes. De ambitie was duidelijk: een mini‑netwerk bouwen dat klonk alsof het uit één stuk was gesneden, maar gedragen werd door meerdere lokale zenders.

Een studio die nooit sliep
De programma’s werden eerst allemaal opgenomen in Leopoldsburg, maar al snel verhuisde een deel van de productie naar het Nederlandse Bloemendaal. Bekende stemmen als Klaas van het Hof, Gaston Starreveld, Ger van de Brink en Mark van Dale gaven het station een professionele uitstraling.

Het format? 24 uur per dag middle‑of‑the‑road‑muziek, toegankelijk voor iedereen. Het nieuws werd live gebracht, de sfeer was warm en herkenbaar, en de populariteit groeide zo snel dat de dj’s elk weekend werden uitgenodigd voor feesten en party’s. Focus Fantastic was niet zomaar een radiostation — het was een merk.

Een netwerk van vier zenders
De programma’s rolden via bandjes en kabels naar vier lokale radio’s:

Radio Aktief (105,40 MHz) in Zoerle‑Parwijs
Radio Bako (105,80 MHz) in Lommel
Radio Leopard (106,90 MHz) in Lommel, vanaf begin 1989
Een zender in Dessel (107,60)

Vooral het signaal uit Dessel deed iets bijzonders: het stak de grens over en was goed te ontvangen in de Nederlandse provincie Brabant. Dat bracht nieuwe kansen met zich mee.

De sprong naar de Nederlandse kabel
In Eindhoven stond nog een frequentie open op het kabelnet. Dat was het startschot. Tilburg en Den Bosch volgden, al moest er in Tilburg wel twee keer onderhandeld worden — de tweede keer ging het ineens wél vlot.

Maar er was een uitdaging: Belgische radiostations mochten niet zomaar reclame uitzenden op de Nederlandse kabel. Dus geen reclameblokken. In plaats daarvan kwamen er gesponsorde programma’s, interviews met artiesten via deals met platenmaatschappijen, en prijzenacties dankzij gulle bedrijven. Ook winkelcentra deden graag een beroep op Focus Fantastic voor live-uitzendingen op locatie.

Een kort maar intens hoofdstuk
Het mini‑netwerk hield het vol tot 1990. Daarna gingen de zenders elk hun eigen weg. In Zoerle‑Parwijs werd verdergewerkt onder een nieuwe naam: Quality FM.

Maar wie erbij was, vergeet het nooit: die paar jaar waarin een klein team met grote dromen een mini‑netwerk bouwde dat klonk alsof het de wereld aankon.

Radio Bako: van grensstreekzender tot kortstondige regionale grootmacht

Radio Bako begon als een Vlaams radiostation voor de grensstreek rond Lommel‑Barrier en Kolonie. De eerste studio stond aan de Luikersteenweg in Lommel, maar al snel veranderde het station van koers. Na de overname door horecaondernemer Bert van Wattum verhuisde Radio Bako naar een nieuwe locatie aan het Lunastrand, Boskantstraat 34, waar de bouw van een moderne studio startte.

Het station koos voor een herkenbare formule: populaire Top 40‑hits, aangevuld met een vleugje nederpop. Radio Bako zond 24 uur per dag, zeven dagen per week uit op 104.8 MHz en via de kabel. In de beginperiode was het signaal tot in Eindhoven te ontvangen, maar met de aanschaf van een krachtigere versterker reikte het bereik soms zelfs tot Utrecht.

Snelle groei en regionale concurrentie
Van Wattum trok bekende dj’s aan en richtte zich nadrukkelijk op Zuid‑Oost Brabant. De populariteit schoot omhoog en Radio Bako werd een geduchte concurrent van Radio Royaal uit Hamont‑Achel. Programmaleider en dj René Franke, beter bekend als Theo Toerental, gaf het station een herkenbare stijl.

Een van de vaste elementen was de Explosiefschijf, een plaat die ieder uur werd gedraaid voor extra promotie. De allereerste was Cry van Godley & Creme.

Ook Peter van Zeelst maakte deel uit van het team. Hij presenteerde vanaf 1987 de Zeelsterparade, elke maandag tot en met zaterdag tussen 13.00 en 14.00 uur.

Brand en wederopbouw
In de nacht van 29 maart 1987 sloeg het noodlot toe. Een zware brand legde de studio volledig in de as. Het gebouw was niet meer te redden; de schade bedroeg zo’n 6 miljoen BEF (ongeveer 150.000 euro). Er bestond een vermoeden van brandstichting.

Toch bleef Radio Bako uitzenden. Een vrachtwagen werd naast de zendmast geplaatst en ingericht als noodstudio, compleet met een toren van cassettedecks. Medewerkers namen hun programma’s thuis op totdat een nieuwe studio op dezelfde plek was gebouwd.

Nieuwe eigenaar, nieuw imago
Later werd Radio Bako overgenomen door een zender uit Arnhem. De roepnaam veranderde in Bako Super 106. De nieuwe studio keek uit op het buitenzwembad, wat onverwacht een publiekstrekker werd: tijdens de openingsuren liepen regelmatig meisjes in badpak binnen voor een verzoekplaat. Onder de medewerkers bevonden zich Raymond Balsink, Ron Muller, Dave Donkervoort en nieuwslezer Herbert Visser.

Het station sloot bovendien lucratieve reclamecontracten af met regionale bedrijven. Bedragen van 30.000 euro voor zes maanden waren geen uitzondering. De promotiebus van Bako was een vertrouwde verschijning op feesten, braderieën en evenementen in en rond Eindhoven. Binnen korte tijd was het station even populair als Radio Royaal Regionaal.

Einde van een succesverhaal
Ondanks de snelle groei hield het succes niet lang stand. In januari 1988 stopte Radio Bako met uitzenden. Daarna volgde nog een samenwerking met Radio Focus Fantastic, een mininetwerk van drie lokale zenders. Uiteindelijk werd de vzw op 20 december 1990 ontbonden.

Radio Bako bleef echter in het collectieve geheugen hangen als een van die typische grensstreekzenders die met lef, creativiteit en een flinke dosis improvisatie een grote regionale impact wisten te maken.

Radio Continu: grensradio met ambitie en een bereik van 450.000 luisteraars

Radio Continu groeide in de jaren tachtig uit tot een van de opvallendste regionale omroepen in de grensstreek. Het station ontstond toen Radio Vrij de handen in elkaar sloeg met de Wuustwezelse Radio Continu, opgericht door Alfons Jagtman, Ruud Kegel en Jac Zom. Na omzwervingen in Hoogstraten en Wortel vond de zender in 1986 een vaste stek in Meerle. Drie jaar later werd aan de Strijbeekseweg 25 een volledige woning omgebouwd tot een professionele studio.

De omroep richtte zich op een actief publiek tussen 20 en 50 jaar en profiteerde van een gunstige ligging. Het signaal reikte diep Nederland in: in Breda was de ontvangst perfect en zelfs in Tilburg klonk de zender nog behoorlijk goed. Volgens de beheerraad beschikte Radio Continu daardoor over een potentieel van zo’n 450.000 luisteraars, waarvan een groot deel aan Nederlandse zijde woonde.

Inhoudelijk draaide alles om informatie. Tussen 6.00 en 22.00 uur bracht de zender elk uur nieuws, met extra bulletins om 6.30 en 7.30. Elke uitzending begon met regionale berichten, gevolgd door het weer, nationaal nieuws en internationale updates. Hoewel de omroep zich qua stijl sterk op Nederland oriënteerde, besliste men dat minstens de helft van de berichtgeving Belgisch moest blijven. Nieuws uit Hoogstraten en omgeving kreeg absolute prioriteit.

Commercieel keek Radio Continu wél nadrukkelijk naar Nederland. Per uur waren vier reclameblokken te horen, samen goed voor zes tot zeven minuten aan spots. Daarnaast bouwde de zender een herkenbare programmatie uit. Op zaterdagavond was er Continu Sport, op zondagochtend Continu Varia met uitgebreide evenemententips. Door de week passeerden rubrieken als de regioagenda, filmagenda, uit-agenda en een vacaturebank.

Om al die informatie te verzamelen en te brengen, had Radio Continu drie vaste redactiemedewerkers in dienst, aangevuld met drie ad-hockrachten en twee sportverslaggevers. In België bestonden samenwerkingen met uitgevers zoals de Maatschappij voor Ether Exploitatie en Vijfsterrenradio; in Nederland bleef zo’n samenwerking helaas uit.

Opvallend was het strakke format: de volledige muziekprogrammering werd door een computer gestuurd. Platen werden niet live aangekondigd — de omroep vond dat luisteraars geen behoefte hadden aan meningen van dj’s. De muziekkeuze kwam uit een indrukwekkende collectie van 2500 cd’s. Het concept werkte: onder meer Ton Lathouwers kwam kijken, en niet veel later ontstond in Nederland het succesvolle Sky Radio volgens een gelijkaardig principe.

In september 1991 verhuisde Radio Continu van 105,40 MHz naar 103,00 MHz. Het station bleef tot het einde actief op die frequentie. Op zondag 14 september 1997 viel definitief het doek. Opmerkelijk: in al die jaren werd Radio Continu nooit in beslag genomen — een unicum in de woelige ether van die tijd.


Tijdens de laatste uren uit het bestaan van Radio Continu liep Marcel Dujardin (†) op zondag 14 september 1997 rond met een video-camera doorheen de studio’s en andere ruimtes aan de Strijbeekseweg 25 in Meerle, België.
In beeld komen Continu-medewerkers Ludo de Kort, Jac Zom (†), Martin van Kampen, Annemarie Franken, Peter Houtepen, Ad Romijn, Ton Vermeulen, Marcel Dujardin (†), Dirk Brouwers en Esther Prins.
Het afscheidslied wordt gezongen door Pim van Ginneken.
Met dank aan Ludo de Kort.

Van grap tot gevestigde waarde: Van Radio Veronica Anders naar Lokale Radio Grafiek Maaseik

Wat begon als een ludieke actie in een Maaseiks café, groeide in de jaren tachtig uit tot een van de opvallendste lokale radioprojecten in Belgisch en Nederlands Limburg. Radio Veronica Anders, opgericht in 1981, ontstond toen enkele stamgasten voor de grap een radioprogramma in elkaar knutselden. Een plagerige opmerking over een luisteraar leidde er zelfs toe dat diezelfde luisteraar later tot het bestuur toetrad. De geïmproviseerde studio bleef nog lange tijd gewoon in het café staan.

Een naam met ambitie
De naam was een knipoog naar de legendarische zeezender Radio Veronica. Dankzij de soepelere Belgische wetgeving en het enorme succes van het Nederlandse voorbeeld, wist Radio Veronica Anders al snel een trouw publiek op te bouwen. Om officieel erkend te worden, werd op 27 januari 1983 de vzw Radio Veronica Anders opgericht, met ondernemingsnummer 424.365.397.

Een smal pand vol radiodromen
De radio verhuisde naar een gehuurd pand in de Bleumerstraat 59 in Maaseik. Het gebouw was lang en smal, met drie verdiepingen en een kelder, en verkeerde in erbarmelijke staat. Toch werd het omgetoverd tot een volwaardige radiowerking. Langs een centrale gang lagen achtereenvolgens een kantoor, studio 1, een interviewstudio, studio 2, een redactieruimte, een keuken en een toilet. De muren en vloeren werden bekleed met tapijt om de akoestiek te verbeteren — een eenvoudige maar doeltreffende oplossing.

Swinging Maaseik en andere hoogtepunten
Op 20 september 1991 speelde de radio een prominente rol tijdens Swinging Maaseik, een jazzmanifestatie met honderd muzikanten. De omroep trok de stad in, installeerde zich in verschillende cafés en zond het evenement live uit.

In 1996 kreeg studio 2 een grondige make-over. De oude apparatuur werd vervangen door een nieuw studiomeubel en een Dateq BCS-mengtafel. De verbouwing was een huzarenstukje: studio 2 en 3 werden samengevoegd om het meubel überhaupt binnen te krijgen.

Een eigen netwerk door de stad
Een van de meest opmerkelijke technische verwezenlijkingen was het zelfgebouwde netwerk dat cafés in Maaseik met de studio verbond. Gewone elektriciteitskabels liepen over gevels en overbrugden lange afstanden. Door de hoge weerstand ging veel signaal verloren, waardoor het audiosignaal stevig moest worden versterkt en in de studio weer werd teruggeschakeld. Via dit netwerk werden regelmatig live-uitzendingen gemaakt, onder meer vanuit café De Ontbijtclub.

Toen gevels in de loop der jaren werden gerenoveerd, raakte het netwerk steeds verder beschadigd. Toch zijn er vandaag, dertig jaar later, nog altijd restanten van de kabels zichtbaar.

Het Centrum voor Muziek
Radio Veronica Anders werkte nauw samen met het Centrum voor Muziek, een Maaseikse vereniging met een eigen opnamestudio. Hier werden jingles, commercials en muziek van lokale artiesten geproduceerd — een belangrijke creatieve motor achter de radio.

Een logo vol symboliek
Het logo van Radio Veronica Anders verwees nadrukkelijk naar Maaseik: een blad van de Amerikaanse eik op de achtergrond en onderaan een gestileerde boot, symbool voor de Maas.

Van Veronica Anders naar Lokale Radio Grafiek Maaseik
In november 1990 moest de naam worden gewijzigd vanwege het decreet-Van Rompuy, dat elke niet-openbare radio verplichtte een unieke naam te voeren. De nieuwe naam werd Lokale Radio Grafiek Maaseik. Voor luisteraars zorgde dit voor verwarring, omdat de concurrent al opereerde onder de naam Lokale Radio Maaseik.

Een bruisende vrijwilligersploeg
Rond 1998 telde Lokale Radio Grafiek Maaseik zo’n veertig vrijwilligers. De werking draaide volledig op reclame-inkomsten, die nodig waren voor apparatuur, huisvesting, elektriciteit en auteursrechten. De radio zond 24 uur per dag uit, met een mix van non-stopmuziek, duidingsprogramma’s en uiteenlopende muziekgenres. Ook regionale informatie kreeg een vaste plek: verenigingen konden hun activiteiten laten aankondigen.

Bekende medewerkers waren onder anderen Patrick Kicken, later te horen op 3FM, Mona (Loek Kessels-Brandt) van de populaire rubriek Lieve Mona in Story, en Jo Smeets, alias Jojo, bekend van zijn schlagershows.

Nieuwe samenwerkingen en evoluties
In 1998 sloot de radio zich aan bij Family Radio. Vanaf oktober 2001 werd het programma van Contact 2 uitgezonden. Toen de vzw Veronica Anders in 2003 opnieuw een erkenning kreeg, besloot men Contact 2 verder door te stralen. De vzw werd toen onder meer bestuurd door Contact NV en Contact Vlaanderen NV. De antenne verhuisde naar het dak van het oude ziekenhuis in Maaseik.

Een nieuw tijdperk
In 2010 werd de vzw overgenomen door Christophe Moens. Op de Maaseiker frequentie werd voortaan het programma van Club FM uitgezonden. Daarmee sloot een rijk hoofdstuk van lokale radiogeschiedenis af, maar de herinnering aan Radio Veronica Anders en Lokale Radio Grafiek Maaseik blijft tot vandaag voortleven.

Radio De Vrije Vogel – het Maaseiker radiostation dat vleugels kreeg

In 1982 streek op het industrieterrein van Maaseik een nieuwe speler neer in het lokale radiolandschap: Radio De Vrije Vogel. Een jaar later gingen de eerste officiële programma’s de ether in, met dank aan de gebroeders Joosten, die het station met veel enthousiasme uitbouwden. Niet veel later verhuisde de zender naar de Weertersteenweg en groeide De Vrije Vogel, dankzij een eigen vzw (nr. 424.386.084), uit tot een volwaardige lokale radio. Het erkenningsdossier kreeg nummer 713.

De Vrije Vogel was meer dan een radiozender — het was een ontmoetingsplek voor de gemeenschap. Zo werd op 8 december 1983 een live-uitzending gewijd aan de Stokkemse Kunstkring Arnold Sauwen, waarin verleden, heden en toekomst van de vereniging centraal stonden.

In 1984 volgden de ene activiteit na de andere.
Op 28 april lokte een grote kienavond in zaal Wilgenveld te Wurfeld honderden deelnemers — sommige avonden zelfs tot 1.000.
Op 1 juni verscheen de lijst met de eerste 104 erkende lokale radio’s, en De Vrije Vogel stond erbij.
Op 16 juni werd een voetbaltoernooi georganiseerd, afgesloten met een galabal.
Op 23 september gooide de radio de deuren open voor het publiek, compleet met drankjes, infostand en attracties voor jong en oud.
De officiële erkenning volgde op 8 november 1984, gepubliceerd in het Staatsblad van januari 1985. De vergunde frequentie werd 107,6 MHz.

Ook Sinterklaas vond zijn weg naar de studio. Op 1 december 1984 bracht een toeristisch treintje kinderen gratis van de markt naar de radio, waar de Sint hen opwachtte.

Begin 1985 organiseerde De Vrije Vogel een warme feestnamiddag voor 300 ouderen, zieken en alleenstaanden. Dankzij sponsors kon dit volledig gratis worden aangeboden. In dezelfde periode werd een actie opgezet voor hulpverlening aan Afrika: ingezamelde prijzen werden per opbod verkocht en brachten 100.000 BEF op.

De paashaas kwam op 9 april 1985 langs in de studio om jongeren te verrassen met geschenken en paaseitjes, en op 14 juli volgde een grote playbackshow voor kinderen.

Toch kende het verhaal ook een dip: volgens Het Belang van Limburg werd de zender op 26 februari 1986 uit de ether gehaald wegens uitzenden zonder vergunning.

In 1990 kwam de vzw in nieuwe handen, met Michel Tulkens als voorzitter. Onder zijn leiding zette de radio zich sterk in voor sociale projecten. Zo ging 300.000 BEF naar de vzw Jeugdhuizen Relmdis, en kregen ook MPI Ter Engelen en Tevona elk 100.000 BEF steun.

In maart 1991 volgde een opmerkelijk moment: Tulkens en medewerker Huub Stevens ontmoetten in het Duitse Wassenberg een adviseur van Gorbatsjov. Het gesprek met professor Daschitschew gaf een verrassend nieuw beeld van de Oost-Westverhoudingen en werd op 17 maart 1991 uitgezonden.

De zender wilde een andere naam aannemen. Men koos voor Studio Centraal maar dat werd afgewezen, de jingles waren al klaar…

Van De Vrije Vogel naar Radio LRM
Toen in 1990 de vzw van Radio De Vrije Vogel werd overgenomen door de familie Beuten, begon een nieuwe fase in het Maaseiker radiolandschap. Niet lang daarna veranderde de naam van het station. Dat was geen toeval: door het decreet-Van Rompuy moest elke niet-openbare radio een unieke roepnaam hebben. Tegelijkertijd koos concurrent Radio Veronica Anders voor een nieuwe naam: Lokale Radio Grafiek Maaseik. Het gevolg laat zich raden: veel luisteraars haalden de twee door elkaar. De ene heette voortaan Lokale Radio Maaseik (LRM), de andere Lokale Radio Grafiek Maaseik — verwarring alom.

Toch zette Radio LRM door. Met de aankoop van een pand vlak bij het centrum van Maaseik werd een ambitieus plan in gang gezet. Tussen 1994 en eind 1995 werd het gebouw grondig verbouwd. Begin 1996 verhuisde de volledige werking naar de Koning Albertlaan, waar in mei van dat jaar de vernieuwde studio’s feestelijk werden geopend tijdens een drukbezochte opendeurdag.

In de jaren die volgden werkte Radio LRM nauw samen met FM Limburg (1995–2002), wat zorgde voor een professionelere uitstraling en een breder bereik.

Een belangrijke stap kwam in april 2010, toen de frequentie van VIVA FM in Kinrooi werd overgenomen. Daardoor kreeg LRM er een extra uitzendpunt bij op 105.10 MHz.

Op 1 januari 2018 volgde een nieuwe erkenning voor drie frequenties:
107.60 MHz in Maaseik
105.10 MHz in Kinrooi
105.90 MHz in Bree

Met die erkenning werd bevestigd wat luisteraars al lang wisten: Radio LRM was uitgegroeid tot een vaste waarde in Noordoost-Limburg, stevig geworteld in de lokale gemeenschap.

Tot op heden is de radiozender nog steeds in handen van de VZW LRM. De beheerraad van de VZW LRM bestaat uit: Jean Beuten (voorzitter), Bart Beuten (ondervoorzitter), Nadine Beuten (secretaris en stationmanager) en Josephine Vermeulen (penningmeester).

Radio Fantasy: van caravan in Weelde tot Classic Gold‑zender

Radio Fantasy zag in augustus 1980 het levenslicht dankzij de broers André en Erik Havermans. In de tuin van Louis en Maria Jonkers, aan de Schoolstraat 66 in Weelde, bouwde Erik een volledige studio in een eenvoudige caravan. De naam van het station was een knipoog naar Fantasy van Earth, Wind & Fire.

Aanvankelijk klonk Radio Fantasy slechts enkele uren per weekend op 102,8 MHz. Toen de RTT de zender kwam peilen, werd een inbeslagname op spectaculaire wijze voorkomen, maar de schrik zat erin en het station ging tijdelijk uit de lucht. In mei 1981 volgde een herstart, en vanaf september dat jaar groeide het team en werd het volledige weekend gevuld met programma’s. Dankzij een hoger zendvermogen reikte het signaal tot ver in Nederlands Brabant.

De zender trok ook Nederlandse dj’s aan, onder wie Koos den Hollander, Jack van der Plas, Frans de Wit, Rob van der Meer en Dirk Landing. Met hun komst schakelde Radio Fantasy over op dagelijkse uitzendingen van ’s morgens vroeg tot middernacht. De caravanstudio bleek intussen niet waterdicht, waardoor het hele geheel naar een loods verhuisde — inclusief een tweede caravan wegens plaatsgebrek.

Het station kende ook tegenslagen. Op 12 juni 1982 sloeg de bliksem in op de antenne en werd de zender vernield. Enkele maanden later, op 27 oktober, verzegelde de RTT de volledige installatie wegens te hoog zendvermogen. Een noodzender bracht de luisteraars op de hoogte, waarna financiële en materiële steun toestroomde. Al op 30 oktober was Radio Fantasy opnieuw volledig operationeel. Diezelfde maand werd bovendien het duizendste fanclublid gevierd, met Corry Konings als eregast.

In 1983 schakelde het station over op 24‑uursuitzendingen, met een mix van muziek, spelletjes, regionaal nieuws en populaire programma’s zoals Raad u het, dan krijgt u het, De Wakkerbelservice, Fantasy’s Prijzenfestival en De Felicitatiedienst. Radio Fantasy trok eropuit met live-uitzendingen op evenementen in Riel en Tilburg, en de Drive‑in Show van Huub Rozenberg groeide uit tot een publiekstrekker.

Het station bleek ook een springplank voor jong talent. Rob Stenders draaide er als tiener zijn eerste platen, en Toine van Peperstraeten maakte er jarenlang radio voordat hij naar NOS Studio Sport vertrok.

Radio Fantasy kreeg uiteindelijk een officiële erkenning op 107,10 MHz met een zendvermogen van 100 watt. Dat was goed nieuws, al betekende het lagere vermogen dat veel Nederlandse luisteraars wegvielen. Om dat op te vangen, werd het signaal een tijdlang via diverse Nederlandse kabelnetten verspreid.

In de laatste vijf jaar stond het station onder leiding van Govert Wouterse, beter bekend als Rob van der Meer. Hij gaf het station in 2005 een nieuw format: uitsluitend muziek uit de jaren ’50, ’60 en ’70, onder de naam Fantasy Classic Gold. Het concept sloeg aan, maar de reclame-inkomsten daalden gestaag.

Op vrijdag 31 december 2010 viel definitief het doek. Radio Fantasy stopte na exact dertig jaar — een einde aan een kleurrijk hoofdstuk uit de regionale radiogeschiedenis.

error: Iets overnemen? Eerst contact opnemen!